Spontane bacteriële peritonitis
Indien mogelijk steeds een diagnostische ascitespunctie met kweek vóór start antibiotica. De aanwezigheid van > 250 PMN/mm³ is diagnostisch voor een spontane bacteriële peritonitis (SBP).
Belangrijkste verwekkers:
- Enterobacterales
- Staphylococcus aureus
- Enterokokken
- Streptococcus pneumoniae
Eerste keuze
ceftriaxone 1x 2 g iv - 5à7d
Matige penicilline allergie
ceftriaxone 1x 2 g iv - 5à7d
Ernstige penicilline allergie
Onmiddellijke IgE gemedieerde penicilline allergie (type 1):
ceftriaxone 1x 2 g iv - 5à7d
Uitgestelde penicilline allergie (type 4) (zéér zeldzaam):
vermijden van penicillines en cefalosporines
Commentaar
Indien aangewezen antibiotica aanpassen op basis van de kweek. Bij SBP met een negatieve kweek mag de antibiotica niet gestopt worden (steeds minimum 5 dagen behandelen).
Bron: EASL Clinical Practice Guidelines for the management of patients with decompensated cirrhosis (2018).
Laatste revisie 18 juni 2026